Het verhaal van Tobit en Tobias is in vele opzichten een wonderlijk verhaal. Het is een avontuur van een jonge man die met zijn reisgezel Azarias (de aartsengel Rafaël in menselijke vermomming) een lange reis maakt om geld op te halen voor zijn blinde vader Tobit. Het is een verhaal over opgroeien: Wanneer Tobias vertrekt is hij nog een jongen, bij thuiskomst in Nineveh is hij getrouwd en, door zijn huwelijk, nog rijk ook.
Het is ook een verhaal over demonen en wonderbaarlijke genezingen. Maar meer nog is het een verhaal over God's genade. Wanneer Tobit en Sara, beide getroffen door groot ongeluk, God om hun dood vragen, stuurt God de aartsengel Rafaël om hen te helpen.
Het verhaal van Tobias was een populair bijbelverhaal gedurende een lange periode. Het werd gebruikt om jongeren te onderwijzen. De Duitse onderwijzer Georg Rollenhagen, rector van het gymnasium in Magdeburg (Duitsland), maakte in de 16de eeuw van het verhaal een toneelstuk dat op school werd gespeeld. In Mechelen werd in 1522 een voorstelling van Tobias gegeven. Elementen uit het verhaal vormden populaire motieven voor schilders uit de Nederlandse Gouden Eeuw, ook nog toen, of misschien wel juist omdat, het verhaal zelf verdween uit de Nederlandse protestantse bijbel.
In de volgende pagina's zullen we enkele van de motieven uit het wonderlijke verhaal van Tobit en Tobias belichten.